De steenweg van Veurne naar de· Kerckepanne (18e eeuw) kwam onder vreemde omstandigheden tot stand.
(Uit "De Gidsenkring" van september 1985 door Jacques Bauwens)

Begin 1784 werd de 'Societeyt van de Kerckepanne' opgericht (zie De Gidsenkring 1983 nummer 4). Deze maatschappij deed vanaf het strand van het huidige De Panne aan kustvisserij en liet in de duinen een vissersnederzetting van ruim twintig huizen bouwen.
De verbinding met Veurne - waar ze in de eerste plaats hun vis konden verkopen - was zeer omslachtig. De route liep vanaf Veurne langs het kanaal tot in Adinkerke, daar werd het kanaal overgestoken en via de huidige Langgeleedstraat bereikte men de duinen om dan over een zandweg tot in de Kerckepanne te geraken. Het zal in die tijd een zware dobber geweest zijn om het nodige bouwmateriaal voor de vissershuisjes door de duinen te transporteren.



De rode weg is de oude weg (ongeveer ter hoogte van de huidige Langeleedstraat)
De groene weg is de nieuwe huidige weg

De Societeyt zag zeer vlug in dat haar bestaan afhing van het verkrijgen van een goede verbinding met Veurne en het achterland. Deze weg werd tussen 1786 en 1787 aangelegd. Naar Oostenrijkse gewoonte werd het een kaarsrechte weg zoals we die vandaag kennen.
Geschriften uit het oud archief van Veurne vertellen ons dat het niet zo vanzelfsprekend is dat die weg aangelegd werd. Integendeel, veel wijst in de richting van corruptie en als in 1787 het stadsbestuur van Veurne de aanleg van deze steenweg betitelt als: 'inutile, une honte, ridicule, ruineux' kun je je toch enige vragen stellen ...

In het najaar 1785 heeft het Centrale Bestuur kennelijk moeilijkheden met de financies. Die geldzorgen brengen mee dat het werk aan bestaande of geplande steenwegen voor onbepaalde tijd opgeschort wordt. Op 4 april en nog eens op 20 september krijgt het Veurnse stadsbestuur een gedrukte omzendbrief:

"..Myn Heeren,
Alzoo in de jegenwoordigen stand van Zaeken, daer men genoodzaekt is van binnen deze Provintie te voltrekken verscheyde zeer kostbaere Werken van groote aengelegentheyd, het Gouvernement onvermydelyk geoordeelt heeft van te doen opschorssen den voordgang der Constructien van de Steen-Wegen, Bruggen ende alle andere publique Werken van die nature, opzichtelyk tot de policie van de Wegen, niet alleenelyk die, de welke geoctroyeerd ende gedecreteerd men van voornemen was van dit jaer te beginnen, nemaer ook alle de gone, die alreede begonst zyn ...

De tekst is formeel en verbiedt elk werk aan de wegen. Het is dan ook verbazingwekkend dat in oktober Veurne een brief van de Dienst der Domeinen en Financiën krijgt om advies te verstrekken over een anonieme brief waarin geijverd wordt voor de aanleg van een steenweg van Veurne naar de Kerckepanne :

"..Très chers Seigneurs et speciaux Amis,
Nous Vous remettons cijoint une Mémoire, qui vient d'être adressé à S.E. le Ministre Plenipotentiaire touchant la construction d'un Bras de Chaussée, depuis l'Etablissement de la nouveIle pêche près d'Adinckercke, jusqu'à la ville de Furnes. Vous requérant d'examiner I'objet de ce Mémoire, et de nous reservir le plutot possible de Votre avis sur la Matière: de manière que cet avis nous parvienne avant le 21 de ce mois. A tant Très Chers Seigneurs et Speciaux Amis Dieu Vous ait en Sa Sainte garde. de Bruxelles au conseil de finances le 12 8bre 1785.."


De anonieme briefschrijver maakt zich vanzelfsprekend niet bekend, maar bij het lezen van zijn tekst zou je zweren dat iemand van de Societeyt zélf de brief geschreven heeft :

"..Le nouvel etablissement de la pêche près d'Adinckercke vis à vis de la ville de Furnes, étant un objet qui merite la plus grande consideration, s'est formé par des particuliers qui non seulement y ont donné tous leurs soins, mais qui meme y ont employé la plus grande partie de leur fortune, au point d'être epuisé, et de ne pouvoir continuer a parachever la complète réussite de cet etablissement par la difficulté des communications qui y sont en hyver toutes impraticables ..."

Uit het Notulenboek van de Societeyt (zie De Gidsenkring 1983 nummer 4) blijkt dat de schulden omstreeks dit ogenblik fors opgelopen zijn. De maatschappij heeft namelijk houten en stenen huizen laten bouwen, schulden van vissers uit Blankenberge werden betaald in de hoop hen naar de Kerckepanne te laten verhuizen, schuiten en volledige uitrusting ervan werden bekostigd enz ..
Het valt op dat in de anonieme brief met bijzonder veel lof over de Societeyt gesproken wordt:

"... La société de la nouveIle pecherie d'Adinckercke a non seulement etablie la nouveIle pecherie, mais elle en a formé en meme tems un objet de culture, qui en convertissant des terres incultes en champs precieux, réunit aussi la sureté du païs ...
... Oserois-je le dire, c'est à la compagnie de la nouveIle pecherie que le public doit I'espoir de voir contenir par leur travailles dunes, qui sans une activité continuelle, ne sauroit avoir des effects efficaces, il le sera d'autant plus assuré, que la surete de la societé en depend.... aussi I'essai qu'ils ont fait avec reussite des sapins le long de ces memes dunes, offre une barriere excellente, contre la legereté des sables qui par le vent se portent continuellement dans I'interieur du païs ... "


En het is precies het in cultuur brengen van die duinen wat bij het stadsbestuur van Veurne zoveel kwaad bloed zet!
Tot slot wordt in de brief een lans gebroken voor een betere verbinding met Veurne :

"... or toutes ces avances d'argent, tous ces avantages vont expirer, si le gouvernement ne porte un secours prompt pour faire etablir une communication pavée depuis la ville de Furnes a cet etablissement, car la compagnie épuisée doit abandonner ou laisser languir ce commencement de travail ...
... car je passe sous silence que cette chaussée doit être pour la meme ville de Furnes, la source de son amelioration, cette ouverture faite, elle devient le passage general de tous les mouvemens du païs sur Dunkerque, si difficile, si incertain par tout autre endroit... "


Enkele zaken zijn merkwaardig. Ten eerste is het vreemd dat het Centrale Bestuur de aanvraag om een nieuwe steenweg aan te leggen in overweging wil nemen op een ogenblik dat elk werk aan de wegen opgeschort wordt.
Ten tweede is het opmerkelijk dat aan een anonieme brief gevolg gegeven wordt en dat Veurne zo weinig tijd heeft om haar advies te formuleren.
En tenslotte valt het op dat de vennoten van de Societeyt op de hoogte zijn van het feit dat Brussel aan de stad om advies gevraagd heeft. De Societeyt stuurt op 18 oktober een eerste brief van 19 bladzijden naar het stadsbestuur en op 21 oktober volgt nog een brief van 11 bladzijden. In totaal 30 bladzijden die bovendien in het Frans opgesteld zijn. Normaal is de correspondentie binnen de kasselrij in het Nederlands maar de vennoten rekenen erop dat hun brieven bij het advies gevoegd zullen worden. Advies dat bestemd is voor de gevolmachtigde minister in Brussel die zeker Frans maar misschien geen Nederlands kan lezen!
De brief van 18 oktober telt 19 bladzijden om eigenlijk 'niets' te zeggen. Het belangrijkste argument dat de zes aandeelhouders van de Societeyt schijnen te hebben, is het feit dat de Keizer Joseph II zélf in 1782 bij de gemeentebesturen aan de kust aandrong om vissersnederzettingen op te richten of te steunen. Uit de lange brief van de Societeyt enkele regels:

".. le transport du poisson et materiaux necessaires tant à la pêche, qu'à la construction des habitations necessaires, qu'on a été obligé de faire jusqu'à présent par le chemin nommé Smeekaersstraetken, et par lequel les soussignés ont fait voiturer avec des depenses enormes les materiaux des habitations déjà construites, sera toujours long, difficile et sujet a plusieurs inconveniens qu'il est important d'eviter.
La largeur des dunes qui menent a ce chemin, un trajet de sept quarts de lieu (lieu marine = 5.555m dus "sept quarts" ongeveer 9,7 km) de I'etablissement de la peche par cette route à la ville de Furnes indiquent la necessite urgente de chercher une autre voie car le moindre retardement dans le transport du poisson devient prejudiciabIe. Une voie dirigée en droite ligne de la ville de Furnes sur cet etablissement leveroit un obstacle insurmontable par tout autre moien."


De vennoten menen verder dat ook schipbreukelingen blij zouden zijn als ze na hun triest avontuur vlug en gemakkelijk het binnenland zouden kunnen bereiken. Toch zijn ze eerlijk genoeg om te erkennen dat zij de eersten zullen zijn om van een nieuwe steenweg te profiteren.
Zij stellen daarom voor dat de regering tol heft op de vis die ze over de weg zullen vervoeren.
Ze kunnen niet nalaten om die kortzichtige Veurnaars duidelijk te maken dat ook voor hen gouden tijden in het verschiet liggen:

"..La ville de Furnes dont les habitans sont sans commerce, sans garnison et sans autre resource que les profits eventuels d'un marché public, jouiroient encore des avantages qui resultent d'un passage considerable, ce pavé consideré du même coup d'oeil avec la chaussée nouvellement construite vers Schorebacq, offre une grande route sur Dunkerque et devient le passage general des provinces belgiques vers les villes maritimes de la France et ver la cote d'Angleterre, la ville de Furnes ne peut manquer d'en recueillir le premier fruits.."

Drie dagen later, op 21 oktober volgt een supplement van 11 bladzijden. Naast dezelfde vage argumentering snijden de vennoten een nieuw thema aan dat kennelijk niet bestemd is voor de heren van het Veurnse stadsbestuur, maar wel voor hen die in het verre Brussel de beslissing zullen nemen:

"..Or il est notoire, que la fraicheur faisant le principal merite de ce poisson delicat, une route courte et aisée permettra d'en faire des transports jusqu'à Bruxelles, sans qu'il ait perdu cette qualité essentielle : la chaussée seule pourra procurer aux soussignes la satisfaction d'en fournir a leurs altesses roïales et au Membres du Gouvernement ..."

Op diezelfde 21 oktober maakt de Veurnse raad zijn advies op. In een relaas van 10 bladzijden geeft ze een vernietigend antwoord op de aanmatiging waaraan volgens haar de Societeyt van de Kerckepanne zich schuldig maakt.
Volgens de Raad kan de Societeyt er zich niet over beklagen dat er geen verbindingsmogelijkheden zouden zijn. Volgens Veurne heeft ze de mooiste en kortste weg naar Duinkerke nl. het strand. Vandaar kan ze de vis verder in Frankrijk verzenden. En de Raad voegt er aan toe - en het zal wel met sarcasme zijn - op voorwaarde dat de Societeyt vis heeft

"... ils aient le chemin le plus beau et le plus court par I'estrang de la mer ou ils peuvent transporter leur poisson (Iorsqu'ils en ont) directement vers Dunkercke et delà plus avant en France partout ou ils desirent... "

De Raad meent dat het een 'ongelooflijke dwaasheid' van de anonieme briefschrijver is om de hele kasselrij te belasten met een peperdure weg die aan slechts enkele particulieren voordeel zal opleveren.
Momenteel voert de maatschappij 'een hele kleine hoeveelheid vis aan' zegt de Raad en dat heeft te maken met het feit dat de maatschappij over kleine sloepen beschikt die niet voor hoge zee geschikt zijn:

"... il est notoire à tout le monde qui pendent les cinq à six mois de I'hiver, temps auquelle poisson se retire des cotes vers la hauteur de la mer, il leur est impossible de faire pecher, parce que leurs batteaux à cause de leur petitesse ne peuvent pas aller jusques à la dite hauteur sans s'exposer evidemment au naufrage, et que meme jusques à présent leurs pêcheurs n'ont pas osé en faire la tentative. D'ou il resulte evidemment que cet etablissement n'a point besoin des communications en hiver pour le transport de son poisson en France, vu que pour lors il n'y a point à transporter ... "

Een ander argument van de Societeyt was het omzetten van onvruchtbare gronden in akkers. Hierover is Veurne méér dan verontwaardigd! Volgens de Raad is er nooit een projekt geweest dat meer gevaar inhield voor de vruchtbare gronden van de kasselrij die aan de duinen grenzen, dan het dwaze plan van de Societeyt om hoornvee te laten grazen in een zandvlakte die toch al arm aan vegetatie is .
Bovendien weet Veurne dat de vissers in de winter hout en andere brandstof ontberen. Om toch te kunnen stoken, rooien de vissers de duindoornstruiken en andere planten die het zand vasthouden.
En dat allemaal in weerwil van het plakkaat van Karel VI dat in 1729 verbood om paarden, koeien, kalveren, schapen, ezels en andere dieren in de duinen te laten grazen. Voor dit soort misdrijven voorzag het plakkaat zelfs verbanning en stokslagen.

"... c'est cependant une de ces plaines meme la plus longue et la plus spatieuse qui cotoie une grande partie d'Adinckercke, qui depuis tout tems a été le plus sur garand pour ses terres adjacentes, que la dite societé malheureusement se propose de mettre en culture ..."

Veurne weet dat grotere gemeenschappen zoals Adinkerke en Zuydcote er niet in slagen de strijd tegen het overvliegende zand te winnen. De Raad vraagt zich dan ook bezorgd af of 'une societé ruinée et epuisée' daartoe wel in staat zal zijn.
De Raad geeft toe dat de Societeyt in de laatste twee jaar enkele gemeten (een gemeet is ongeveer een halve ha) van de Kerckepanne in cultuur gebracht heeft. Maar. .. , zegt ze, iedereen heeft kunnen zien dat het grootste deel van het zaaigoed weggeblazen werd en dat de planten die overbleven omzeggens te tellen waren. Dat ze bovendien nauwelijks een kwart van hun normale hoogte bereikt hadden en misschien slechts een tiende deel van hun normale opbrengst.
In het slot van hun advies wordt de Gevolmachtigde Minister de raad gegeven geen rekening te houden met de bedrieglijke argumentatie in de twee bijgevoegde brieven van de Societeyt :

'"..après avoir murement pesé tous les torts et les malheurs qu'elle doit causer necessairement surtout à la chatellenie de Furnes, elles (Vos Seigneurs IIIustrissimes) n'hesiteront point de les rejetter hautement comme prejudiciabIe au dernier degré ...
... à mettre des bornes au dangereux projet de la dite societé, surtout par rapport à la dite culture, consideré que le bien public en general est infiniment à preferer à celui de six individus qui composent cette compagnie ... ... au reste pour ce que regarde la memoire et le supplement que les associés de la dite peche nous ont presenté que nous avons I'honneur de y joindre, nous n'y trouvons que des pompeuses chimeres et des suppositions qui ne meritent aucune attention ..."


En dit alles namens 'vos tres humbles et tres obeissans serviteurs Bourgmaitres, landhouders, echevins et ceurheers de la vil/e et chatellenie de Furnes'.
Op 18 april 1786 krijgt Veurne andermaal een schrijven vanuit Brussel dat zoals vorige brieven eraan herinnert dat geen nieuwe steenwegen, alsook reparaties hoger dan 200 fr. mogen uitgevoerd worden zonder voorafgaand overleg met het Gouvernement.

"..que Nous vous faisons la présente à la déliberation du Comte de Barbiano de Belgioioso notre Ministre plenipotentiaire en ce pays pour vous dire que Nous decIarons qu'il ne sera construit desormais aucune chaussée ni bout de pavé quelconque dans votre district sans une autorisation expresse du Gouvernement qui devra être demandé par requête con tenant les motifs qui rendent I'ouvrage necessaire .."
.
In dezelfde brief wordt Veurne gevraagd een overzicht op te sturen van de reeds bestaande steenwegen. Eveneens wil Brussel een lijst van kandidaat­commissarissen die toezicht zullen moeten uitoefenen op reparaties van bestaande steenwegen en eventueel op nieuwe wegen.
Op 29 april laat Veurne weten dat volgende heren zich kandidaat stellen: 'bourgmaitre et landhoudre de la Commune' de Moucheron de Wytschaete, bourgmaitre et landhoudre de la Loi' Ferdinand de Man, de schepenen Charles Tack, Albert de Man en Pieter Becqué.
Volgens dit overzicht, gedateerd op 29 april 1786, is er in de kasselrij Veurne geen overvloed aan geplaveide wegen:
Burgemeester de Man wordt als commissaris aangesteld voor
la chaussée de St George depuis Nieuport jusqu'au pont nommé de la Bonne Union depuis l'Isere, construite par octroi.
la chaussée construite par octroi (11 juin 1781) de Furnes a I'endroit nommé Schoreback jusqu'a l'Isere.


Schepen Tack wordt commissaris voor
un bout de pavé depuis le pont dit Valkenbrugge - près I'endroit nommé Swaentje jusqu'au cabaret La Tête d'Or au village de Wulveringem.
un autre petit bout de pavé à Vorthem (n.v.d.r. Fortem) village d'Alveringem.

Burgemeester de Moucheron de Wytschaete wordt commissaris voor
les bouts de pavé aux trois portes de la ville qui sont de peu d'etendue. la chaussée d'Elsendamme ... et une partie de la grande chaussée d'Ypres vers Dunkerque avec les bouts y attenants.

Dit zijn dus steenwegen die in 1786 al bestaan! Veurne had reeds enkele malen een aanvraag gedaan om een betere verbindingsweg naar het zuiden van de kasselrij te verkrijgen.
Dit gebeurde toen de Raad in 1785 advies moest geven bij die bewuste anonieme brief.

"... Le pais de bois de la chatellenie de Furnes, ou il y a des milliers de mesures non pas sablonneuses et arides ni dangereuses au voisinage, mais riches et tertiles, qui sans aucune exemption contribuent dans toutes les charges de la chatellenie lesquelles pendant I'hiver n'ont aucune issue pour transporter les riches et abondantes denrées qu'elles produisent, exige une chaussée bien preterablement à la culture toute dangereuse et chimerique de la dite plaine : chaussée qui non seulement seroit de la plus grande utilité pour la belle et saine agriculture de notre chatellenie, mais qui en meme tems lui donneroit aussi ainsi qu'a la ville de Furnes une communication directe et commode avec tous ses voisins et augmenteroit considerablement nos marchés publies .."
.
Nu ook in april 1786 laten ze een ballonnetje in die zin op:

"... qu'il nous sois permis Sire de rappeIer a Votre Majesté que convaincus de la necessité de construire une chaussée dans la partie meridionale de notre chatellenie appellée le païs au bois ..."

Het zal dan ook een aangename verrassing voor Veurne geweest zijn dat op 19 juli 1786 de schepenen Becqué en Vermersche tot commissarissen benoemd worden voor 'pour la nouveIle chaussée à construire de Furnes à Ypres'. Een succes voor Veurne, maar de zin gaat verder 'et de Furnes par la Kerckepanne à la mer, ensuite d'octroi du 28 juin 1786, et ce sous la direction du colonel ingenieur De Brou ou du capitaine Mahieu, son préposé'.

Wordt Veurne hier nu gechanteerd? Zou protesteren tegen de steenweg naar zee niet de eindelijk verkregen steenweg naar het Houtland in gevaar brengen? In ieder geval heeft de Societeyt zijn slag thuisgehaald! De werknota die kapitein Mahieu op 13 augustus 1786 klaar heeft begint als volgt:

".. Le lit de la chaussée depuis la rue des penitentes à Furnes, etant tracée jusqu'au pied de la première dune de la Kerckepanne, il ne s'agit plus, que de prendre les arrangemens necessaires, pour donner execution aux ouvrages et livraisons que en tont I'objet... "

Uit de 17 bladzijden van de werknota zijn volgende zaken vermeldenswaardig:
Rond Veurne zijn de verdedigingswerken nog gedeeltelijk aanwezig. Er is onder andere nog een hoofdgracht en een ravelijn, beide met water. Omdat de fortificaties hun belang verloren hebben en afgebroken worden, worden er geen bruggen over die grachten gelegd maar wel dijken dwars erdoor. Het aanwezige water kan links en rechts van de steenweg afvloeien. Omdat aan de Penitentenstraat (nu Pannestraat) een vierde opening in de stadsomwalling wordt gemaakt, zou de aanwezigheid van die dijken aanleiding tot fraude kunnen geven. Daarom zal op de dijk door de hoofdgracht een stevig hek geplaatst worden om fraude en dergelijke te verhinderen.
Tussen Veurne en de eerste duinen van de Kerckepanne lopen enkele sloten en twee kleine kanaaltjes. De belangrijkste is het Langelis (Langgeleed). Er moeten dus twee bruggetjes gebouwd worden. Die over het Langgeleed zal een opening van 11 à 12 voet hebben, beide bruggetjes zullen gemetseld worden om zo latere onderhoudskosten tot een minimum te beperken. In de werknota blijkt steeds weer dat er ook toen naar gestreefd werd de kosten zoveel mogelijk te drukken. Telkens wordt er op aangedrongen slechts één aannemer met het werk te belasten. Dat is dan zowel voor het graven van de wegbedding, het egaliseren als het opvullen met zand. Ook voor het transport van kasseien en boordstenen, het verleggen van sloten en zomerwegen moet getracht worden het werk aan één persoon uit te besteden. Slechts als dat niet mogelijk is, kunnen meerdere onder-aannemers een bepaald werk uitvoeren.
De stenen moeten uit de groeven van Lessines, Blaton of Quenas afkomstig zijn. Ze moeten per schip in Plasschendale geleverd worden en daar geteld en gecontroleerd of ze qua grootte en model conform de eisen zijn. Er worden 1.300.000 stenen besteld. Van die hoeveelheid moeten er 200.000 stenen al tegen 20 september geleverd worden, op 10 oktober en aan het einde van oktober telkens 200.000 en de overige moeten tegen april van het volgende jaar ter plekke zijn. Van Plasschendale gaat het transport over water naar Veurne en vandaar per kar naar de bouw plaats.
Met aandrang wordt gevraagd het nodige zand in de onmiddellijke nabijheid van de steenweg te zoeken. In de werknota lezen we dat het goedkoper is grond te onteigenen en te vergoeden dan zand aan te voeren als dat gehaald moet worden over een afstand groter dan 100 roeden.
In bundel 1046 van het Oud-archief Veurne zit een dik boek dat in detail alle betalingen vermeldt. De oudste betaling dateert van 4 oktober 1786 en de laatste van 11 augustus 1787.
Daarmee zou over de aanleg van die steenweg - door sommigen verfoeid, door anderen vurig gewenst - het doek kunnen vallen. Maar het muisje heeft een staartje


Op 12 juni 1787 treffen we nog een tekst aan met betrekking tot de nieuwe steenweg. Het is een brief van de Veurnse magistraat aan Hunne Koninklijke Hoogheden in Brussel. Aanleiding tot deze brief is 'un certain imprimé qui circule dans le public' en waarin kolonel de Brou en kapitein Mahieu het stadsbestuur belasterd hebben. We weten dat de Societeyt van de Kerckepanne na een goede start al vlug in moeilijkheden kwam ten gevolge van het decreet van 30 april 1785 van Joseph II waarin de mazen van de netten werden bepaald (zie De Gidsenkring 1983 - nr. 4 pag. 19 e.v.). In het Notulenboek van de Societeyt wordt er tussen augustus 1785 en mei 1787 niets genoteerd. Daarna blijkt de Societeyt zodanig in de schulden te zitten dat ze ontbonden wordt. Dus was de Societeyt al op het ogenblik van de aanleg van de steenweg ten dode opgeschreven. Natuurlijk wordt dan de vraag gesteld wie nu verantwoordelijk is voor de aanleg van die peperdure en nutteloze steenweg. En kolonel de Brou en zijn helper hebben prompt de verantwoordelijkheid op Veurne afgewenteld. De repliek van de stad is dan ook ongewoon scherp:

".. Nous avons vu avec etonnement que ce colonel de Brou et conseiller Mahieu y ont avancé pardevant vos altesses roiales que la chaussée de Furnes à la mer a eté demandée par le magistrat de cette ville. Imputation fausse et d'autant plus odieuse qu'il est de leur parfaite connoissance, que le magistrat a fait tous les efforts possibles pour empecher un ouvrage aussi ruineux qu'inutile au bien-etre de la ville et chatellenie de Furnes; ouvrage qui de son commencement et meme avant son existence a fait et fera à jamais I'objet de douleur et du regret de tous les contribuables ..

..Les dits colonel de Brou et conseiller Mahieu ... honteux de I'enormité des frais inutiles que cet ouvrage a couté à la chatellenie veulent maintenant en jetter toute la honte sur le magistrat de la ville et chatellenie de Furnes; apparament pour se laver, s'il etoit possible, pardevant vos altesses roiales et devant toute la nation de /'opprobre dont ce ridicule ouvrage les couvre et les couvrira, aussi tous ceux qui l'on sollicité, aussi long­tems qu'en existera la memoire ... "

Dus vernietigend voor kolonel de Brou en voor de Societeyt van de Kerckepanne !
En over de twee brieven die vermoedelijk de Societeyt destijds gestuurd heeft :

"... un memoire et supplement au memoire qui nous ont été presentés relativement aussi à la dite chaussée de la ville de Furnes à la mer, remplis tous deux d'autant d'inepties et de projets chimeriques que le susdit memoire anonime meme et dont les faussetés et les impossibilités, à la honte de leurs auteurs, se manifestent journalierement de plus en plus ... "


Het archief geeft geen uitsluitsel of er naar aanleiding van deze zaak koppen gevallen zijn.
Het is weinig waarschijnlijk dat de vissersnederzetting van de Kerckepanne het zonder deze (nutteloze) steenweg overleefd zou hebben. Daar De Panne gegroeid is uit het gehucht Kerckepanne is deze gemeente dank verschuldigd aan die enkele corrupte heren uit de 18e eeuw.
Bron: Oud-archief Veurne, bundels 1046 en 1050


Jacques BAUWENS

Er weze ook opgemerkt dat De Kerckepanne weinig te maken had met Adinkerke. Pas in 1789 heeft de bisschop van Ieper het gehucht met de parochie Adinkerke verenigd (er was nog geen kapel in de Kerckepanne en er moest toch voor het geestelijk aspect gezorgd worden!). In 1789 werd de maatschappij Kerckepanne opgeheven. Met het Franse bewind in 1794 (5 jaar na de Franse Revolutie) wordt de staat eigenaar van dit duinengebied. (voordien aan de graaf, koning of keizer naargelang wie het voor het zeggen had. Zij gaven delen van deze duinen in leen (nu zou men dat verhuren noemen)aan allerhande instellingen en personen). Uiteindelijk in 1799 : (16 jaar NA de stichting) gaat het gehucht administratief over naar Adinkerke.
De Kerckepanne behoorde dus aanvankelijk NIET tot Adinkerke. In 1911, met burgemeester Ernest d'Arippe, is De Panne terug afgescheurd van Adinkerke ten gevolge de opkomst van het toerisme. (Zeedijk; Dumontwijk..)